Geen categorie

Time-out (30-03-2015)

Het is even stil geweest op mijn blog. Sinds een paar weken heb ik namelijk ontzettend veel last van een beknelde zenuw in mijn nek. Deze pijn trekt door naar mijn schouder en mijn rechterarm. Ontzettend pijnlijk en ook heel onhandig in een druk gezin. In het begin had ik nog de ijdele hoop dat het vanzelf wel weg zou gaan, maar helaas werd het ondanks een flinke portie paracetamol alleen maar erger. Met als gevolg dat mijn rechterarm er een beetje zielig erbij hing, alles zeer deed en ik nergens meer zin in had…

Dus zat ik vorige week voor het eerst van mijn leven bij een manueel therapeut. Na de gebruikelijke vragen; waar zit de pijn en wat voor cijfer zou je de pijn geven, vroeg hij: ‘Heb je de afgelopen weken een rare beweging gemaakt met je schouders?’ Tja, daar heb je het al. Ik maak namelijk constant allerlei rare bewegingen met mijn schouders, vooral wanneer Jacco niet mee wil werken.

Met een diepe zucht hoorde ik mezelf dan ook zeggen: ‘Mijn oudste zoon van negen jaar heeft epilepsie met als gevolg daarvan flink ontregeld gedrag, zoals ze dat zo mooi noemen.’ Terwijl de therapeut luisterde en ondertussen in de computer wat aantekeningen typte, gingen mijn gedachten vanzelf terug naar de afgelopen weken.

Jacco’s gedrag wordt steeds moeilijker. Tegenwoordig laat hij zich uit protest steeds vaker als een zoutzak op de grond vallen. Wanneer hij dit thuis doet, dan laat ik hem vaak in zijn sop gaar koken en negeer mij suf. Maar wanneer hij zich midden in de supermarkt, in een winkelstraat of pal voor de draaideur van het ziekenhuis zomaar op de grond laat vallen, is het een ander verhaal. Ik wil dan niet als een a- sociale moeder overkomen die haar kind met blauwe epilepsiehelm zomaar harteloos midden op straat laat liggen onder het mom van: ’Jacco, ik ga verder. Blijf jij daar maar liggen! Doei!’ Nee, ik schaam mij dood, negeer alle omstanders en pak hem toch maar weer beet.

De vraag; ‘Heeft u nog afgelopen weken rare bewegingen gemaakt met uw schouders?’ bleef door mijn hoofd echoën en ik zei harder dan ik bedoelde: ‘Ja, wanneer mijn zoon niet mee wil werken pak ik hem beet. Wanneer hij dwars is en zich niet zelf wil aankleden, help ik hem. Wanneer hij niet mee wil met de taxi naar school, pak ik hem ook beet. Wanneer hij last heeft van epilepsie moet ik hem bijna tillen.

Nadat de therapeut mijn nek had losgemaakt, zakte de pijn helaas maar een beetje. Dus extra pijnstillers ook voor de nacht, waarbij de apotheker doodleuk even mee deelde: ‘Met deze medicatie mag u niet autorijden mevrouw.’

Aangeslagen en met een pijnlijke nek kwam ik thuis. Tjonge, ik mag niet autorijden. Dat kan dus niet. Wanneer er iets is met Jacco moet ik mobiel zijn. Ik heb trouwens volgende week ook nog eens een heleboel afspraken staan waarbij ik moet rijden. Bovendien kan ik van deze pijnstiller ook nog eens heel suf worden. Ook dat kan ik mij niet permitteren, want ik moet immers altijd alert zijn op wat Jacco zou kunnen gaan doen. Ik kan dit gezin niet met een suffe een duffe kop draaiende houden!

Na overleg met de dokter besloot ik dat paardenmiddel vooralsnog maar even achter de hand te houden.

Dan is het etenstijd. Ik zit wat voor mij uit te staren en ben in gedachten verzonken, wanneer Ruben plotseling zegt: ‘Mamma, moet ik je nek even masseren?’ Hij stapt naar mij toe en begint heel zachtjes mijn schouders te masseren. Hanna observeert alles en zegt: ‘Mamma, au nek? Hanna kusje geven?’ Vervolgens verdwijnt er een klein snottig kusje in mijn nek.

Kijk, daar kan geen pijnstiller tegenop!

 

 

 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.