Geen categorie

‘Maar waarom hebben wij nu een aanhanger achter de auto’. (17-10-2015)

‘Zullen wij zondag de piano ophalen?’ Vragend kijk ik Jaap aan. Hij knikt nadenkend. Ik ga snel verder: ‘Het komt goed uit, want de man van de piano woont vlakbij mijn ouders. Dan kunnen mijn ouders mooi op de kinderen passen, terwijl wij de piano gaan ophalen. Mijn vader viert ook nog eens zijn verjaardag, dus wat willen we nog meer! ’ lachend kijk ik Jaap aan. Ik heb alles al bedacht en in ‘kannen en kruiken’ gestopt. Eigenlijk hoeft Jaap alleen nog maar ja te zeggen…

Sinds mijn tiende speel ik al piano, met wat tussenpozen, en ook nu heb ik weer les. Al járen ben ik aan het sparen voor een goede piano en het bedrag is in die tussentijd al aardig gegroeid. Toevallig kwam ik via via een advertentie tegen van een man die zijn piano kwijt wilde. Na wat heen en weer mailen, bellen en het vragen van advies aan mijn ‘pianojuf’ , besloot ik de gok te wagen.

En dan is het eindelijk zover. Wij rijden met een aanhanger achter onze auto op weg naar opa en oma om mijn piano op te halen! Ruben zit voorin naast Jaap en ik zit achterin. Jacco zit heel tevreden naast mij. Hij kijkt naar achteren en zegt: ‘Mamma, waarom hebben wij nou een aanhanger achter onze auto?’ Vriendelijk antwoord ik: ‘Omdat wij een piano voor mamma gaan ophalen. De piano is zo groot dat hij niet in onze auto kan.’ Jacco knikt en vraagt vervolgens: ‘Ja maar mamma, waarom zit nou die rode aanhanger achter onze auto?’ Weer antwoord ik dat wij de piano gaan ophalen. Jacco kijkt naar achteren en vraagt: ‘Mamma, wat zit er achter onze auto?’ Met een zucht antwoord ik: ‘Een aanhanger.’ ‘Maar waarom zit er nou een aanhanger achter onze auto?’ Met diepe zucht zeg ik tegen Jaap: ‘Dit gaat de hele tijd zo door. En we moeten nog ruim anderhalf uur in de auto zitten…’

Jaap zet van armoe de radio maar harder in een poging het geluid van Jacco te overtreffen. Maar Jacco begint net op dreef te raken. Terwijl Anouk keihard door de auto dendert en Jacco nog steeds niet weet waarom wij nou een aanhanger achter de auto hebben, denk ik met een lach en een traan: ‘Wat heb ik toch een idioot leven sinds Jacco epilepsie heeft gekregen. Dit is toch niet normaal!!!’ Ik probeer uit alle macht Jacco te negeren, wat natuurlijk niet lukt. Het is gewoon een psychologisch drama wat zich op de achterbank van onze auto afspeelt met Jacco als grote winnaar. Uit pure wanhoop besluit ik een niet al te fraai pedagogisch wapen in te zetten: ‘Jacco, als je nou niet ophoudt met praten, draai ik mij om en wil je ik niet meer zien.’ Even is het stil. YES! Maar dan begint hij weer: ‘Mamma, wat is dat achter de auto?’ Theatraal draai ik mijn hoofd en mijn rug om en zeg: ‘Ik wil je nu niet meer zien, want je praat veel te veel.’ Dat maakt toch wel enige indruk. Zachtjes hoor ik hem zeggen: ‘Sorry. Jacco zal niet meer praten.’ Opgelucht draai ik mij om en begin vriendelijk tegen hem te praten. Enige minuten later is hij zijn sorry al weer vergeten en begint de psychologische oorlogsvoering weer opnieuw en opnieuw en opnieuw. Ik voel mij een slagveld wanneer wij eindelijk bij opa en oma zijn. Compleet suf gepraat en met kop als een garnaal stap ik uit de auto. Nadat wij uitgebreid begroet zijn door opa en oma en een flinke bak koffie hebben gehad, zeg ik tegen Jaap: ‘En weet je wat nu het ergste is? We moeten straks ook weer terug!’

Het constante herhalen van Jacco is zo ontzettend vermoeiend. Ik noem het ouderterreur. Jaap zegt wel eens voor de grap: ‘Je zou de moord op je eigen moeder nog bekennen, terwijl zij levend en wel naast je staat! Gewoon om van het gez#k af te zijn.‘

En dan lees ik in een blog van een andere epilepsiemoeder welke gevolgen epilepsie kan hebben in je hersenen. Ze zet de gevolgen van een niet goed werkende frontaalkwab op een rijtje. Ik herken ze helaas alle van negen bij Jacco. Eentje valt mij echter heel erg op en dat is het perseveren. Dit houdt in dat je niet kunt stoppen met een enkele gedachte of een uitspraak.

Opnieuw word ik geconfronteerd met de immense gevolgen die de epilepsie heeft voor Jacco, maar ook voor ons hele gezin. En het wordt steeds moeilijker om hier een weg in te vinden…

Maar gelukkig heb ik nu wel een heel mooie piano waar op ik mij flink op kan uitleven!

 

Prietpraat:

Jacco was twee jaar en zat achter de piano. Met zijn kleine vingertjes tikte hij op de toetsen en zong heel lief: ‘Here Jezus, Here Jezus. Halleluja.’

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.